Konikpaarden foto: René Deneer

Konikpaarden redden zich prima in de winter (foto: René Deneer)

Het gaat goed!

In de winter redden de wildlevende paarden en runderen in de natuurgebieden langs de Maas en zijbeken zich uitstekend. Met hun dikke vacht houden ze de kou van het lijf en bij een gemene wind zoeken ze beschutting in het bos, achter een heuveltje of lekker dicht bij elkaar. Ook kunnen ze goed leven van het voedsel dat de natuur in de winter te bieden heeft, zoals dorre grassen, brandnetels, distels en andere kruiden. Twijgen en bast staan eveneens op het menu. En als op een wintermiddag het zonnetje schijnt, is er zelfs verse rauwkost, want het gras wil dan best een beetje groeien. Ligt er een pak sneeuw? Geen paniek, want de grazers duwen het gewoon met hoeven of snuit opzij.

Op de vruchtbare oevers komen de grazers niks te kort. Temeer omdat ze zich in de maanden daarvoor rond gegeten hebben aan de overdaad van de zomer. Met deze vetvoorraad komen ze de winter goed door. Sterker nog: de grazers zullen blij zijn als ze in het voorjaar eindelijk verlost zijn van hun vetballast! Vergeet niet: met de nieuwe zomer voor boeg zullen ze wederom tientallen kilo’s vet erbij krijgen.

In een winter als deze blijkt dat niet iedereen overtuigd is van de zelfredzaamheid van de paarden en runderen in de natuur. De dieren krijgen soms wortels, aardappelschillen en groenteafval gebracht. Dat is goed bedoeld, maar toch is het geen goede ontwikkeling als mensen op eigen houtje gaan bijvoeren. Bijvoeren is niet nodig en het heeft nare gevolgen, met name voor de paarden. Door deze te voeren, worden ze opdringerig en intimiderend voor bezoekers. Ze kunnen zelfs gaan bijten als ze hun zin niet krijgen. Een paard dat (onschuldige) wandelaars op deze manier lastig valt, loopt groot risico afgevoerd te worden naar het slachthuis.

Gallowayrund Foto: Laura Kuipers)

Gallowayrund in de hoge winterruigte (foto: Laura Kuipers)

Galloway

Een Gallowayrund in de Millingerwaard (foto: Twan Teunissen)

Bijvoeren is niet nodig

Paarden en runderen die nooit geleerd hebben dat er een link bestaat tussen mensen en hapjes (wortels, appels, brood en ander lekkers) of tussen mensen en knuffels (aaien, kloppen, krabben) vertonen prima gedrag richting publiek. Ze houden afstand van de in hun ogen oninteressante wandelaars. Ze scharrelen zelf hun voedsel bij elkaar – wat een hele klus kan zijn in de winter – en onderhouden warm contact met hun groepsgenoten. Ze hebben geen tijd en belangstelling om zich aan mensen op te houden. Ze vervullen gewoon hun taak in de natuur als herbivoor en hebben een goed en vrij leven.

Ondertussen houdt de beheerder van de grazers  de conditie van de dieren in de winter in de gaten. Hij kijkt naar de vetlaag van de dieren, de hoeveelheid vegetatie in het gebied en hoelang het winterseizoen nog aanhoudt. Op basis daarvan en zijn jarenlange ervaring, beoordeelt hij of de dieren de winter goed door zullen komen. Mocht er ooit reden zijn om bij te voeren, dan is het de verantwoordelijkheid van de beheerder om dit te beslissen en te doen (met beleid). De verantwoordelijkheid van de bezoeker is om ervoor te zorgen dat de paarden en runderen hun natuurlijke gedrag behouden en voor ons allemaal een genot blijven om op afstand naar te kijken.

CNME en Ark Natuurontwikkeling in de Grensmaas

De Grensmaas is een gebied vol lop in ontwikkeling. Er ontstaan brede grindstranden, grindbanken, ooibossen en stroomdalgraslanden, hier en daar afgewisseld met een grindplas. Die ontwikkeling wordt tot leven gewekt door de veldlessen van Ark Natuurontwikkeling en CNME. Leerlingen van basisscholen in de Grensmaasgemeenten gaan op speurtocht langs deze spectaculaire, snelstromende grindrivier. De groepen struinen in de nieuwe natuurgebieden waar ze veel ingrediënten van de wilde riviernatuur tegenkomen. Ze gaan aan de slag met allerlei opdrachten zoals op zoek naar stenen, planten, kleine beestjes, waterbeestjes, vogels en grote grazers.

Voor meer informatie over de Grensmaas veldlessen, neem contact op met Josien van Boekel via vanboekel@cnme.nl of 043-321 99 41.

terug naar overzicht