Sinds 2024 monitoren we de nieuwe populatie. De Oehoevallei wordt daarbij zeven keer per jaar bezocht en tijdens ieder bezoek noteren we alle waarnemingen van muurhagedissen. Door dit langere tijd vol te houden, krijgen we inzicht in de ontwikkeling van de populatie.
In 2025 zagen we tijdens deze bezoeken maximaal 15 hagedissen terug. Dat lijkt weinig, maar de hoge kalkwanden zijn onoverzichtelijk, waardoor veel dieren zich aan het zicht onttrekken. Ook zijn niet alle dieren op elk moment van de dag actief of zichtbaar. Daarnaast kan de overleving in de eerste fase na een herintroductie lager zijn. Een verplaatsing brengt stress met zich mee en dieren moeten opnieuw hun territorium veroveren.
Muurhagedissen zullen naar verwachting ook de gebieden rondom de Oehoevallei gaan verkennen. Daarom hebben we in 2025 een oproep gedaan om waarnemingen op de Sint‑Pietersberg door te geven via een speciaal invoerportaal:
waarneming.nl/go/podarcis-muralis In 2025 kwamen er nog geen meldingen binnen van dieren buiten de Oehoevallei. De oproep blijft ook de komende jaren relevant om zicht te krijgen op de verspreiding van de soort.
Met de herintroductie ligt er nu een stevige basis voor een nieuwe populatie muurhagedissen op de Sint‑Pietersberg. De verwachting is dat de soort zich hier opnieuw blijvend zal vestigen. De berg biedt veel geschikte plekken waar de muurhagedis zich thuis kan voelen. Als gidssoort voor rotsmilieus geeft zijn aanwezigheid bovendien inzicht in de kwaliteit van deze biotopen en de verbindingen binnen het landschap.
De komende jaren moeten monitoring en verspreidingsonderzoek uitwijzen hoe goed de dieren zich vestigen, hoe groot de populatie kan worden en hoe ver de soort zich uiteindelijk verspreidt.
Kijk de lezing van Cridi Frissen Moors terug over de herintroductie van de muurhagedis tijdens de RAVON-dag op 8 november 2025.
Het project werd uitgevoerd met financiële steun van: Provincie Limburg, Gemeente Maastricht en het Elisabeth Strouven Fonds.



